Je bekijkt nu Meer dan 8 op de 10 werknemers willen bij ziekte nog iets doen voor hun werk

Meer dan 8 op de 10 werknemers willen bij ziekte nog iets doen voor hun werk

Veel Belgische werknemers zijn bereid om tijdens hun ziekte nog iets voor het werk te doen, als hun gezondheid dat toelaat. Tegelijk gaan steeds meer werknemers werken terwijl ze ziek zijn. Ook praten over mentale problemen blijft moeilijk. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek van Mensura, in samenwerking met het Bpact Burgerpanel en Indiville.

Werknemers willen zich nuttig blijven voelen

Maar liefst 82% van de Belgische werknemers sluit niet uit dat ze tijdens hun ziekte nog iets voor het werk doen. Dat kan bijvoorbeeld door thuis te werken, aangepaste taken uit te voeren of minder uren te werken.

34% is bereid om tijdens ziekte te werken, zolang dat hun herstel niet in gevaar brengt. Ze willen zich vooral nuttig blijven voelen. Nog eens 48% wil bekijken of werken tijdens ziekte mogelijk is.

Ook vinden steeds minder werknemers dat werken tijdens ziekte helemaal uitgesloten moet zijn. In 2024 vond 26% dat hun werkgever niet mocht verwachten dat ze tijdens ziekte nog iets deden. Vandaag is dat nog 18%.

Bart Teuwen, verzuimexpert bij Mensura, benadrukt dat werkgevers hierop kunnen inspelen: “Wie vooraf nadenkt over wat mogelijk is binnen de organisatie, kan in goed overleg een oplossing op maat aanbieden wanneer het erop aankomt.”

Steeds meer werknemers gaan ziek werken

De bereidheid om te werken tijdens ziekte heeft ook een keerzijde. Uit het onderzoek blijkt dat 81% van de werknemers al eens is gaan werken terwijl ze ziek waren.

Meer dan een kwart (27%) zegt zelfs altijd te gaan werken bij ziekte. In 2024 was dat nog maar 4%. De belangrijkste reden? Werknemers zijn bang dat hun werk blijft liggen of dat ze deadlines niet halen. Dit noemen we ‘presenteïsme’: werken terwijl je ziek bent, omdat je druk voelt om toch aanwezig te zijn.

Volgens Bart Teuwen is het belangrijk om een onderscheid te maken tussen vrijwillig aangepast werken en werken onder druk. “Werknemers die zich verplicht voelen om te werken bij ziekte, riskeren uiteindelijk zwaarder en langer uit te vallen, of steken bij virale infecties mogelijk collega’s op de werkvloer aan.”

Praten over mentale problemen blijft moeilijk

Naast werken tijdens ziekte onderzocht Mensura ook hoe gemakkelijk werknemers met hun leidinggevende praten over hun gezondheid. Bijna 7 op de 10 werknemers (67%) voelen zich comfortabel om over gezondheid en welzijn te praten. Toch zijn niet alle onderwerpen even gemakkelijk bespreekbaar.

In 2024 voelde 47% zich op zijn gemak om alle onderwerpen over gezondheid en welzijn met hun leidinggevende te bespreken. Vandaag is dat nog 34%. Vooral mentale problemen blijven een moeilijk onderwerp. Slechts 12% van de werknemers voelt zich comfortabel om hierover te praten met hun leidinggevende. Twee jaar geleden was dat nog 24%.

Bovendien praat 14% van de werknemers ook niet over hun mentale welzijn met een vertrouwenspersoon, arbeidsarts of collega.

Bart Teuwen maakt zich daar zorgen over: “Wie het gevoel heeft er alleen voor te staan, zoekt pas hulp wanneer het niet meer gaat. Elke organisatie moet zorgen dat er minstens één veilige deur openstaat, en dat iedereen die deur weet te vinden.”

Open communicatie is belangrijk

Het onderzoek toont aan dat veel werknemers betrokken willen blijven bij hun werk, ook wanneer ze ziek zijn. Maar dat mag niet ten koste gaan van hun gezondheid.

Werkgevers kunnen helpen door aangepast werk mogelijk te maken en duidelijke afspraken te maken. Daarnaast is het belangrijk dat werknemers zich veilig voelen om over hun gezondheid te praten. Zo kunnen werkgevers en werknemers samen zoeken naar oplossingen die het herstel ondersteunen.